kofferrvolgedichten

Dit mag weer

Sinds het uitbreken van de corona crisis zien we Jaap van Dissel redder des Vaderlands veel op de televisie. Hij flankeert Mark Rutte bij persconferenties. Hij praat de Tweede Kamer bij. En hij spreekt vaak het volk toe. De ene keer in een talkshow, de andere keer in het nieuws. Jaap van Dissel is momenteel het gezicht van het RIVM. Je zou misschien kunnen stellen, dat als je aan corona denkt, denk je aan Jaap van Dissel

Jaap van Dissel van RIVM

Maar wie is deze grijze bebaarde eminentie? Hoe komt het dat hij zo naar voren is geschoven en eigenlijk bepaalt wat er in ons land gebeurt? Of waarom andere zaken juist niet gebeuren?

Jaap van Dissel is al geruime tijd hoofd van de infectieziektes bij het RIVM. Ach, dat instituut kent u wel. Rond de stikstofproblemen en ten tijde van van de boerenprotesten had het RIVM tal van berekeningen gemaakt, die later niet helemaal klopten. Maar daar was Jaap van Dissel niet verantwoordelijk voor.

Nee, hij is specialist op het gebied van infectieziektes. Je zou kunnen zeggen dat hij de ultieme expert is.
Maar zijn specialisme komt niet uit het niets. Als klein jongetje was hij al erg nieuwsgierig.

Jeugd van Jaap van Dissel

Japie had al vroeg al oog voor historie en opgravingen. Zo begroef hij eens om als archeoloog te kunnen imponeren eerst de hamster van zijn zusje. Een paar dagen later groef hij het inmiddels overleden diertje op. De hamster was helaas niet overleden aan een infectie. Ondanks het tropenhelmpje wat hij droeg, kwam de klap van zijn zusje erg hard aan.

Met zijn puntige blote knietjes, die ondeugend vanonder zijn veel te lange wijde korte broek gezellig de wereld instaken, knielde hij meermalen plotseling ergens neer. Speurend met zijn pieterige oogjes zocht hij vaak de grond af. Soms vond hij scherven van een oude po. Hij koesterde deze dan aan zijn borst, als waren het kostbare restanten van een of andere Egyptische farao. 

Geen gat was hem te diep, geen hol bleef voor hem te donker. Altijd had hij een zogenaamde ‘knijpkat’ bij zich, die hij van zijn grootvader had “geleend.”

Zijn uitrusting bestond verder uit een oude haarborstel, achterovergedrukt uit de toilettas van zijn moeder, een tuinschepje, geleend van het buurjongetje en een klein notitieboekje met in het spiraaltje aan de rugzijde een potloodje. 

Eerste onderzoeken van Jaap van Dissel

Vooral het opschrijfboekje is een bron van haast onuitputtelijke informatie. Gedurende Jaaps ontdekkingsreizen over onder meer Gods akker en het veld, door tuinen en parken in de omgeving, noteerde hij nauwkeurig datum, plaats, voorwerp en toestand. Zo lezen we bijvoorbeeld bij 22 maart 1967:
“Tuin van de buren: geraamte van een kat; mooi schoon gevreten; linkerpoot weg.”

En bij 23 december 1967:
“Tuin van opa: linkerpoot van een kat; rest ontbreekt.”

Bij 16 mei 1968 staat wat bibberig geschreven:
“Buurmeisje met mazelen gezoend. Ben benieuwd.”

En ja hoor, bij 23 mei 1968 staat:
“Hoera, ik heb mazelen. Grappig, kost niets. Had geen mondkapje.”

Bij 18 mei 1969 staat genoteerd:
“In het park onder rhododendron: half kunstgebit; missende een tand.”

Bij 27 december 1969 lezen we verder:
“Begraafplaats Katholieke Kerk: op 2 meter diepte onder houten deksel; oude man; helemaal dood.”

Jaap groeit op en gaat studeren

Op twaalfjarige leeftijd ging hij naar het gymnasium, waar zijn interesse voor geschiedenis en oude dingen alleen nog maar toenam. Zo werd hij vaak gesignaleerd bij vuilnisemmers en diverse malen bij een 64 jarige lerares Frans. 

Hij doorliep redelijk vlot deze school en van daar ging hij naar de universiteit. Vakanties konden er nooit meer af. Nee, eerst nog even naar de farao’s, de Chinese muur of de ruïnes der Azteken. Tijd voor het heden, laat staan voor bijvoorbeeld vriendinnen, was er helemaal niet bij. 

Tijdens zijn vele reizen gedurende zijn studie kreeg hij steeds meer interesse voor infectieziektes. In eerste instantie puur toeval. Als kind had hij ook al diverse infectieziektes opgelopen, zoals mazelen en de bof. Hij werd een expert op salmonella en listeria. Reisde stad en land af om zich te verdiepen in die kleine ondeugende beestjes, die je met het blote oog niet ziet.

Redder des Vaderlands

Nee, we mogen onze handen dichtknijpen met zo’n deskundig man. Zonder hem zouden we met een onvolledig OMT zitten. Zou Rutte zich geen raad weten. Zeker, al die andere experts weten ook best wat. Maar onze Jaap spant de kroon. Hij zaait geen paniek, hij is zeker van zichzelf en zaait voldoende twijfel. Nee, bij hem vergeleken is Willem van Oranje een dwerg, valt Copernicus in het niet en is Einstein een kleuter.

Maar misschien is het beter, dat ik een mondkapje voor doe. Voordat je het weet klets je te veel uit geheime burelen. Of wordt het vanaf nu Jaap van Gissel? U mag het zeggen.

0 0 vote
Article Rating