DSC00627
De Onderwijsspecialist

Onlangs had ik een kort gesprekje met een onderwijsspecialist van één der regeringsfracties. Dit naar aanleiding van de nieuwe Onderwijsbegroting. Daarvoor had ik een afspraak gemaakt in Den Haag. De reis met de trein ernaar toe was al een uitje. 

Onderwijsspecialist vooral trots op zichzelf

“U lijkt me een gelukkig mens als ik uw gezicht zo zie”, sprak ik tot de parlementariër.
“Ach, meneer, u moest eens weten hoe blij ik me voel. Het is toch een knap stukje werk geworden. Nee, onze bewindslieden op OC&W kunnen tevreden zijn”, reageerde hij voldaan.

“Toch mis ik een visie in dit alles. Zoiets zou juist de funderende gedachte moeten zijn voor het uit te voeren beleid”, antwoordde ik hem.
Hij glimlachte minzaam en zei: “U zou zo de politiek in kunnen. Maar terugkomend op wat u stelt kan ik twee dingen, nee drie, nou ja vier dingen benoemen”. 

Hij zweeg even om zijn neus te snuiten in een bont gebloemde boerenzakdoek.
Toen ging hij verder: “Allereerst is er zeker een visie, namelijk één die u wellicht niet kunt begrijpen. We hebben zoveel miljard euro’s en daarop vullen we plannen in. Ten tweede moet er wel bezuinigd worden om plannen te kunnen bekostigen, die ten gevolge van andere bezuinigingen ontwikkeld moesten worden om de pijn van eerdere bezuinigingen enigszins te verzachten. Ten derde kunnen er ook veranderingen plaatsvinden zonder dat direct geld hoeft te kosten.”

Toen stopte hij, hoestte twee keer en……….zweeg.

Gespannen wachtte ik op het laatste stuk van zijn antwoord. Maar dat bleef echter uit. Mijn nieuwsgierigheid werd echter zo groot, dat ik tenslotte zei: “En het vierde punt? Wat is dat?”

“Vierde punt”, vroeg hij me ongelovig, “Vind u drie punten niet voldoende? Kijk dat bedoel ik nou: Nooit is men in het onder­wijs tevreden. Altijd moet er weer wat bij.”
Geschrokken door deze heftige reactie verontschuldigde ik mij: “Neemt u me niet kwalijk, maar ik dacht toch echt dat u vier aspecten wilde aanhalen om mij uit te leggen hoe de Coalitie tot deze begroting is gekomen.”

Terwijl hij dat hoorde, werd zijn gezicht van lijkbleek tot vuurrood en sprak hij met stemverheffing: “Eigenwijs zijn ze in het onderwijs allemaal. En nog jokken ook. U moest zich als opvoe­der schamen. Daar vertrouwen wij onze kinderen aan toe. ’t Is een schande.”
En kwaad beende hij weg naar zijn Chrysler met chauffeur.

Kijk ook eens hier naar mijn Onderwijsgedichten. 

Print Friendly, PDF & Email