Ode aan Ameland

Ik liep door de duinen
en traag over het strand,
waar de wind achteloos
mijn gezicht aaide,
was jij de schaduw,
de schaduw voor mijn licht.

Ameland, kostbare parel
in het grote Wad,
waar ben je nu,
de avondzon zakt weg
raakt ons doel uit het zicht,
of droom ik wat ik zeg?

De zee en ondiepe wateren,
getijden van de natuur,
hebben elkaar nooit ontmoet,
maar Ameland, mijn Ameland
is wat ik nodig heb,
een eiland, dat wat met me doet.

 

Windspiel aan zee

Hoog zomer op Ameland
spetterende badgasten in de zee
geen vuiltje nog aan de lucht
gewoon gezellig op het strand

wadden gedichten

Op die zomeravond nog niet zo laat
een noodroep vanaf een schip
de Windspiel dreigt te vergaan
als de reddingsboot het strand op gaat

Acht paarden onverschrokken gaan te water
een kreet, een mui, dan gaat het mis 
edele dieren strijden voor hun leven
verdwijnen in de golven even later

Nog één keer, gehinnik klinkt
dan sluiten de golven zich
als een onmenselijk graf
alles naar de diepte zinkt

Aan het pad naar strand en zee
staat dit simpele monument
ter herinnering aan acht paarden
de zee nam hun zielen onverwacht mee

 

Kijk ook eens op de andere Wadden gedichten.

Print Friendly, PDF & Email