Ochtend en Avond Wadden gedichten

Op Ochtend en Avond Wadden Gedichten mijn poëzie over het begin en het einde van de dag op een Waddeneiland. Zelf ervaren op het strand, in de duinen of aan het Wad. 

Avondzon aan zee

Ik sta stil op het Texelse strand
staar naar de schoonheid van grijze pluimen
naar de horizon en het onbekende land
zie de golven die blijven schuimen
ze fluisteren zacht in mijn oor
over de zin van dit zilte decor

De zilvermeeuw die in de avondzon wiegt
een scholekster die zoekt in ’t natte zand
een visdief die laag over ’t water vliegt
in de verte een lepelaar als statige figurant
zo strooit de zon haar purperen pracht
als een voorbode voor de komende nacht

wadden gedichten mees Peet

Nachtzomer in het duin

Zacht streelt de wind het gras,
mijn haren en mijn gezicht,
daalt de zon in het westen,
wacht ik op de eerste sterren
en denk ik hoe ’t vandaag was.

Ik kijk naar de verre horizon,
jouw blik raakt nog even de mijne,
even vluchtig nu het nog kan,
speel je stiekem met de golven,
het is de rode ondergaande zon.

Jij speelt nu de sterren van de hemel
en strooit tenslotte het laatste licht,
dan voel ik me gedragen op je handen,
besef ik hoe klein en nietig ik ben,
denk ik ‘k wou dat het weer morgen was’.

Kleurenpalet aan zee

De zwangere luchten in de verte
boven het lege strand bij de zee
waar ik zo vaak vertoefde
dragen mijn gevoelens mee

Ik zie hoe penseelstreken zacht
het kleurenpalet laat groeien
boven de donkere golven koppen
waar mijn gedachten ineen vloeien

Ik voel dat het niet anders kan
de dag zoekt traag haar slotakkoord
de herinneringen die vervagen
er is niets dat mij dan stoort

De duinen waarachter ik schuil
beschut tegen de felle wind
voel ik de natuur die mij omarmd
en zo een veilige haven vind

Langzaam wordt alles donker
wat net nog helder was
lijkt de nacht de dag te verjagen
verandert de zee in een zwarte onrustige plas

De kleuren zijn dan verdwenen
slechts afdrukken in mijn hart bestaan
zoek ik traag de terugweg op
heb ik moeite om te gaan

De zon neemt afscheid

Ik zie de zon die daalt in het westen,
die wegzinkt in de zoute zee,
in het bijna gladde water,
dat rimpelt als fluweel.

De laatste stralen die mij wenken
en aan mij trekken,
als een onzichtbare hand,
staande op het vochtige zand.

De maan trekt aan het water
en verlicht de zee met tedere zorg,
de sterren die verschijnen,
glinsteren als ledjes aan de hemel.

Dan kleurt alles om mij heen rood
en sta ik daar stil te kijken
naar het vallen van de nacht,
knisperen schelpen onder mijn voeten.

Het duister kent geen pardon,
maar ik blijf bij de volle maan,
het strand, de duinen en het zand,
ten oosten van de laatste zon.

Lees ook eens mijn Veluwe Gedichten op deze site.

Print Friendly, PDF & Email