De boer is troef

Lang geleden zong ‘Normaal’ “De boer is troef”. De laatste tijd valt me iets op als ik naar het dorp fiets. Waar laatst nog kalverschuren en varkensbedrijven het landschap sierden, zijn nu lege percelen ontstaan.
De stikstofhandel kan zo maar een lucratieve handel worden. Ach ja, de Nederlandse handelsmentaliteit kennende kopen en verkopen wij alles. Zelfs elektriciteit als ik het AD mag geloven. Die cijfers liegen er niet om. Daar schrik ik van. Wist u dat naast de industrie de energiebedrijven de grootste hoeveelheid CO-2 uitstoten? En een groot deel van de elektriciteit wordt verkocht aan Duitsland en België! Landbouw en mobiliteit zijn de sectoren die het minste uitstoten. Dat is berekend door het CBS en het RIVM. Snapt u het nog?
De boer is troef
Toch zijn het vooral de boeren, die volgens deskundigen fout bezig zijn. Althans, zo roepen natuuractivisten en wetenschappers. Zo sprak ik laatst een expert die me zei, dat mijn hooikoorts vooral veroorzaakt werd door de toename van stikstof. Ja, dat is de magische wereld van stikstof, bossen en beleid, waar de natuur niet zomaar bestaat, maar gewillig meegaat in een dans van cijfers, rapporten en politiek geharrewar.
Misschien is ons buitengebied wel de oplossing voor de stikstofproblematiek, de energietransitie, klimaatadaptatie en de uitbreidingen voor defensie. Soms weet ik het ook niet meer. Er zijn echter lichtpuntjes: Zo kocht de gemeente Putten het Putterbos. Dat is een welkome aanvulling op de gemeentelijke recreatie en het toerisme. Ik vind dat een prima actie en is zeer zeker toe te juichen. Het bos heeft niet alleen een hoge natuurwaarde, maar ook uit historisch perspectief is het een aanwinst voor Putten. Chapeau, zou ik zeggen.
Soms lijkt het wel of stikstof een mysterieus gas is dat blijkbaar alleen maar slecht is voor natuur, maar fantastisch voor het voortbestaan van rapporten en beleidsnota’s. Maar goed, in Putten weet men van wanten: een nieuw stuk bos in het bezit van de gemeente.
Boeren zijn wel de enigen die elke ochtend vroeg uit hun bed komen om hun dieren te verzorgen, de aarde te voeden en de open groene ruimte in stand te houden. Misschien zei Bennie Jolink het treffend: “De enen dag bu j koning en de andere dag een boef!”
